Om uw operatie goed te laten verlopen, is uw medewerking nodig. Volg daarom de raadgevingen van uw behandelend arts nauwkeurig op en lees deze informatie goed door.
Het heupgewricht is een zogenoemd kogelgewricht. Het verbindt het bekken met het dijbeen. Bij een kogelgewricht heeft het ene gedeelte de vorm van een kop en het andere de vorm van een kom. Beide delen passen precies in elkaar en kunnen naar alle kanten bewegen. De kop en de kom zijn bedekt met een laagje kraakbeen. Dit kraakbeen zorgt ervoor dat de botdelen gemakkelijk over elkaar kunnen glijden.
Normaal ziet het kraakbeen er glad en glanzend uit. Soms wordt dit kraakbeen minder glad en geleidelijk aan steeds ruwer. Ten slotte kan het zelfs helemaal verdwijnen. De kom en kop glijden dan niet meer soepel langs elkaar. Dit proces wordt artrose of slijtage van de heup genoemd. Heupartrose komt vooral voor bij oudere mensen. Bij jongere mensen is artrose meestal een gevolg van een aangeboren afwijking. Artrose kan ook ontstaan zijn na een ongeval waarbij de heupkop en/of de heupkom gebroken of ontwricht zijn. Verschillende ziekten, waaronder reumatoïde artritis, kunnen ook leiden tot heupartrose.
De pijn bij heupartrose is voornamelijk aanwezig in de lies en het bovenbeen, met uitstraling naar de knie en de bilstreek. Bekend zijn de zogeheten startklachten. Dit is stijfheid, bijvoorbeeld bij het opstaan uit een stoel. Naarmate de slijtage erger wordt, kan er ook 's nachts pijn optreden die zelfs de slaap kan verstoren. Langzamerhand ontwikkelt zich een verandering in het looppatroon.
De beweeglijkheid bij heupartrose wordt steeds minder. Opvallend is dat fietsen vaak nog lange tijd mogelijk is. Geleidelijk aan zal de heup steeds stijver worden en zijn steeds minder bewegingen mogelijk.
Een kunstheup bestaat uit drie onderdelen:
1.Een
heupkom. Deze kom bestaat uit twee delen namelijk een metalen omhulsel en plastic binnenkom, die in het bekken worden geplaatst.
2.Een
steel van metaal (titanium). Deze steel wordt in het dijbeen geplaatst.
3.Een
kopje van metaal of keramiek. Deze kop wordt op de steel geplaatst.
Er zijn twee verschillende typen kunstheupen:
Het is van diverse factoren afhankelijk voor welk type kunstheup u in aanmerking komt. Enkele van deze factoren zijn: botkwaliteit, leeftijd, type slijtage, oorzaak van de slijtage, algehele conditie.
Om de ernst van de artrose vast te stellen, voert de orthopeed een lichamelijk onderzoek uit en zal röntgenfoto’s van uw heup laten maken. Eventueel wordt ook een botscan gemaakt.
Indien u medicatie gebruikt, wordt hieraan tijdens uw bezoek aan de anesthesist bij het preoperatief onderzoek aandacht besteed. U moet hiervoor dan ook een actuele medicijnlijst meenemen.
Om de kans te verkleinen dat uw nieuwe kunstheupkop uit de kom schiet, adviseren wij u de eerste 6 weken na de operatie op uw rug te slapen. Hierbij hoeft u echter niet volledig plat te liggen. U kunt dit alvast thuis oefenen vóór uw ziekenhuisopname. Mocht dit niet lukken, dan kunt u na toestemming van uw ortopeed op uw zij slapen met een kussen tussen uw knieën.
Als u uw voeten regelmatig door de pedicure laat verzorgen, kunt u dit het beste ruim voor uw ziekenhuisopname doen (niet in de twee weken vóór de operatie). Kleine wondjes die door deze behandeling kunnen ontstaan, geven namelijk een verhoogde kans op infecties bij uw operatie.
Na ontslag uit het ziekenhuis loopt u nog enkele weken met krukken. Dit kan problemen geven met bijvoorbeeld koken en boodschappen doen. Ook mag u de eerste 6 weken na een heupoperatie niet bukken. U zult daarom hulp en hulpmiddelen nodig hebben bij de verzorging van uw benen en voeten. Het is verstandig deze hulp vóór uw opname zelf te regelen. Als u er niet in slaagt zelf hulp te regelen, dan kunt u dit met uw huisarts bespreken.
Wanneer u besloten hebt een heupoperatie te ondergaan, krijgt u een afspraak mee voor de 'carrousel' (dit zijn een aantal afspraken die op één dagdeel plaatsvinden).
U krijgt op deze dag voorlichting over uw operatie van verschillende disciplines (de ortopeed,
physician assistant, verpleegkundige of fysiotherapeut) waar u mee te maken krijgt tijdens uw opname. Tevens krijgt u een onderzoek en gesprek met de anesthesist.
Uiteraard kunt u dan alle vragen stellen die u nog heeft.
Deze carrousel vindt plaats op een dinsdagmiddag enkele weken voor uw operatie.
U komt op de dag van de operatie voor opname naar het ziekenhuis. U meldt zich bij de receptie van de verpleegafdeling waar u opgenomen wordt. Het kan zijn dat u even moet wachten in het dagverblijf van de afdeling voordat een verpleegkundige u komt halen. Dan brengt de verpleegkundige u naar uw kamer.
Op de dag van uw opname neemt u het volgende mee:
Op de dag van de operatie, ongeveer twee uur voordat u naar de operatiekamer gaat, krijgt u van de verpleegkundige twee tabletten paracetamol en wordt u gevraagd een operatiehemd aan te doen.
U mag geen make-up, sieraden, horloge, bril, lenzen of een gebitsprothese dragen tijdens de operatie.
Het te opereren huidgebied mag u niet insmeren met zalf of huidcrème en
het is niet toegestaan nagellak te dragen op de nagels van handen en voeten.
De precieze tijd dat u aan de beurt bent kan de orthopeed noch de verpleegkundige exact zeggen.
Operaties duren soms langer dan verwacht en er kan altijd een spoedoperatie tussendoor komen. Hierdoor kan uw operatie soms later plaatsvinden dan aanvankelijk de bedoeling was.
Een team zal u opereren. De ortopeed die op de polikliniek met u de afspraak voor de operatie heeft gemaakt, zal meestal zelf deel uitmaken van dit operatieteam. Het komt echt ook voor dat een andere orthopeed u zal opereren.
Indien tijdens het polikliniekbezoek de operatie al kan worden ingepland dan kunnen we u meteen vertellen welke orthopeed u zal opereren.
Aangezien ons ziekenhuis een opleidingsziekenhuis is, wordt de orthopeed tijdens de operatie geassisteerd door een arts-assistent.
De operatie vindt bij voorkeur plaats onder regionale anesthesie (ruggenprik) en in uitzonderingssituaties onder algehele anesthesie (narcose)
U hebt samen met uw anesthesist besloten welke verdoving in uw geval wordt toegepast.
Nadat u verdoofd bent, maakt de orthopeed aan de zijkant van uw bovenbeen een snee, meestal van ongeveer 20 centimeter. Daarna wordt het weefsel om het heupgewricht opengemaakt. Dan zaagt de orthopeed de heupkop af en verwijdert deze. Vervolgens wordt uw aangedane heupkom uitgefreesd en verwijdert de orthopeed de overtollige botranden.
Hierna vervolgt de orthopeed de operatie afhankelijk van het soort kunstheup dat u krijgt.
Bij een gecementeerde kunstheupkom boort de orthopeed verankeringsgaatjes in uw heupkom. Hierna wordt de plastic kunstheupkom met cement in uw eigen heupkom vastgezet. Vervolgens wordt uw bovenbeenbot op maat gefreesd en een cementstopje in het bot geplaatst. Daarna plaatst de orthopeed de kunstheupsteel in de cementvulling en zet hem zo vast.
Bij een ongecementeerde kunstheup plaatst de orthopeed in uw eigen heupkom een titanium kom. In deze kom wordt de plastic kunstheup binnenkom vastgeklemd. Nadat het bovenbeenbot op maat is uitgefreesd, klemt de orthopeed de titanium steel in het bovenbeen. Deze steel is voorzien van een speciaal oppervlal die de ingroei van bot in het oppervlak van de steel bevordert.
Ten slotte wordt in beide gevallen de kop op de heupsteel geplaatst en wordt de kop in de kom geplaatst.
De ingreep duurt ongeveer één tot anderhalf uur.
Is er sprake van aangeboren afwijkingen of hebt u al eerder een heupoperatie ondergaan, dan duurt de operatie aanzienlijk langer.
De kunstheupoperatie is een middelgrote operatie met een zeer hoog succespercentage. Zoals bij elke operatie, bestaat er een kans op complicaties. Gelukkig komen deze complicaties zeer zelden voor.
Tijdens en na de operatie kunnen complicaties optreden, zoals:
In sommige gevallen kan de kunstheupkop uit de kom schieten. Meestal is er dan geen nieuwe operatie nodig, maar trekt de orthopeed uw heup weer in de kom. Vaak krijgt u in dat geval eerst een spierverslapper. U blijft dan wel wat langer opgenomen. Meestal krijgt u dan een heupbrace - dit is een soort korset - aangemeten die u minimaal 6 weken zal dragen om te voorkomen dat de heup weer uit de kom schiet.
Ook na langere tijd kunnen er complicaties optreden. De prothese kan los gaan zitten of door slijtage minder goed functioneren. Dan is een nieuwe operatie nodig (een zogenoemde heuprevisie-operatie). Heuprevisie-operaties duren vaak langer en hebben een grotere kans op complicaties. Na zo’n operatie is een voorzichtiger nabehandeling nodig en herstel zal meer tijd vergen. In de meeste gevallen krijgt u na deze heuprevisieoperatie een heupbrace aangemeten die u minimaal 6 weken zal dragen om te voorkomen dat de heup uit de kom schiet.
Na de operatie gaat u naar de uitslaapkamer, waar we u enige tijd goed in de gaten houden en controleren. Soms treedt na de operatie misselijkheid op door de verdoving. Zodra u voldoende bent hersteld, gaat u terug naar de verpleegafdeling. Alle patiënten hebben na de operatie een infuus voor toediening van medicijnen, vocht en soms bloed. Meestal mag het infuus er na twee dagen uit.
U krijgt verschillende medicijnen. Tijdens en na de operatie krijgt u medicijnen om infecties te voorkomen. Ook krijgt u medicijnen die voorkomen dat door de operatie botvorming in de spieren plaatsvindt. Deze medicijnen hebben ook een pijnstillende werking. De eerste 24 à 48 uur krijgt u zo nodig injecties tegen de pijn, daarna tabletten.
Omdat plassen soms moeilijk gaat, krijgen sommige patiënten na de operatie tijdelijk een urinekatheter. In uw heup zit meestal een drain (= slangetje) om wondvocht en bloed af te voeren. Soms zijn er meer drains in de heup aangebracht.
In sommige gevallen is het nodig om met het geopereerde been in ‘matjes’ te hangen in een stellage-bed, zodat het been iets zweeft en in de juiste positie gehouden wordt. Dan is er meestal ook sprake van een langere periode bedrust en een voorzichtiger nabehandeling. Tot ongeveer 3 weken na de operatie mag u niet baden of douchen.
Het is belangrijk dat u snel na uw operatie weer in beweging komt. Dit is goed voor uw bloedcirculatie, luchtwegen en uw spijsvertering.
Iedere dag moet u één uur plat liggen (NB: dit geldt niet voor een heuprevisie-operatie)
Afhankelijk van de soort kunstheup die u hebt gekregen, ziet het revalidatieprogramma er als volgt uit:
Bij een gecementeerde kunstheup gaat u de eerste of tweede dag na de operatie onder leiding van de fysiotherapeut eerst op de rand van uw bed en vervolgens buiten uw bed oefenen. U leert lopen met twee krukken waarbij u in principe volledig op uw geopereerde been mag staan.
Bij een ongecementeerde kunstheup gaat u de eerste of tweede dag onder leiding van de fysiotherapeut eerst op de rand van uw bed en vervolgens buiten uw bed oefenen. De dagen erna leert u lopen met twee krukken waarbij u uw geopereerde been meestal niet volledig mag belasten. De orthopeed bepaalt na de operatie de mate waarin u mag belasten en de fysiotherapeut zal u instructies geven.
Van de verpleegkundige krijgt u dagelijks tijdens uw opname een injectie om trombose te voorkomen. De verpleegkundige op de afdeling geeft u hier ook tijdens uw opname uitleg en instructie over hoe u dit de eerste 6 weken
zelf (thuis) moet doen.
Uw orthopeed vertrouwt de zorg na de operatie meestal toe aan een arts-assistent (zaalarts) die verantwoordelijk is voor de verpleegafdeling waar u verblijft. Dit betekent dat u uw eigen orthopeed niet elke dag aan uw bed zult zien.
Deze wordt echter in het dagelijks overleg op de hoogte gehouden van uw herstel.
Het is altijd mogelijk via de zaalarts of verpleegkundige een gesprek met uw orthopeed aan te vragen.
De orthopeed heeft de operatiewond met hechtingen of met stalen nietjes gesloten. Deze worden in principe 2 tot 3 weken na de opeatie verwijderd. Als u dan al thuis bent, krijgt u bij ontslag een afspraak mee om op de polikliniek te komen, waar u gezien zult worden door één van de arts-assistenten of de
physician assistant. Verblijft u na de opname in een verpleeghuis of een revalidatiecentrum, dan kunt u de hechtingen daar laten verwijderen in overleg met een verpleeghuisarts.
Twee dagen nadat uw hechtingen zijn verwijderd, mag de pleister van uw wond af. Douchen is weer mogelijk als de wond droog is.
Tot de controle bij de orthopeed op de polikliniek loopt u zowel binnen als buiten met twee elleboogkrukken. De mate waarin u het geopereerde been mag belasten heeft u in het ziekenhuis van de fysiotherapeut geleerd.
Tijdens uw controlebezoek op de polikliniek wordt door de orthopeed nieuwe afspraken met u gemaakt over het belasten.
U mag de geopereerde heup niet te ver buigen; de hoek romp-bovenbeen mag niet minder dan 90 graden zijn.
Bij de operatie is het heupgewrichtkapsel verwijderd. In de loop van 6 weken ontwikkelt zich een nieuw gewrichtkapsel en pas dan worden bewegingsmogelijkheden van het heupgewricht in uiterste standen veiliger. Daarom mag u dus de eerste 6 weken niet bukken, niet te laag gaan zitten, niet zelf uw voeten wassen en ook niet zelf uw kousen en schoenen aantrekken.
U mag niet zelf autorijden en ook niet fietsen. Bij de eerste controle op de polikliniek worden hierover verdere afspraken gemaakt.
Indien u elastische kousen heeft gekregen, moet u die overdag aanhouden. 's Nachts mogen deze uit. U kunt na 5 à 6 weken proberen om de kousen eens uit te laten. Als de voeten 's avonds niet dik zijn geworden, hoeft u de kousen niet meer te dragen.
Als u gewend bent een korset te dragen, mag dit alleen als de wond geheel genezen is. Als er nog verband op de wond aanwezig is, dan is het dragen van een korset niet mogelijk.
De zaalarts bepaalt het ogenblik van ontslag, in samenspraak met de verpleging en de fysiotherapeut. In de meeste gevallen duurt de opname ongeveer 4 tot 5 dagen.
Bijvoorbeeld maandag opname dan kunt u donderdag of vrijdag met ontslag.Als u eerder aan dezelfde heup bent geopereerd, dan kan de opname langer duren.
De meeste patiënten gaan na het onstslag uit het ziekenhuis naar huis. In uitzonderlijke gevallen is opname in een verzorgingshuis of verpleeghuis nodig voor verder herstel.
Het Rijnland Ziekenhuis heeft nauwe contacten met Verpleeghuis Leythenrode (Leiderdorp) en Verpleeghuis Oudshoorn (Alphen aan den Rijn).
Indien u kort na uw ontslag koorts krijgt (hoger dan 38,5 ºC) en/of een rode pijnlijke wond dient u contact op te nemen met de polikliniek orthopedie. Buiten de openingstijden van de polikliniek kunt u bellen met de afdeling spoedeisende hulp, telefoonnummer 071 - 582 89 05. Vertel daarbij dat u pas een kunstheup hebt gekregen.
U neemt direct contact op met uw huisarts bij infecties zoals: keelontsteking, griep, etterende wonden, steenpuisten, bloedvergiftiging. Ook als u koorts hebt (hoger dan 38,5 ºC), neemt u contact op met de huisarts. U vertelt de huisarts daarbij dat u een kunstheup hebt.
Als heupprothesedrager blijft de kans op infecties bestaan, ook in de toekomst. In sommige gevallen leidt een infectie elders in het lichaam tot een infectie rond de prothese. Vertel uw huisarts, tandarts of specialist van tevoren dat uw een heupprothese hebt, wanneer bij u tanden en kiezen worden getrokken, tandwortelbehandelingen plaatsvinden of als u andere inwendige ingrepen moet ondergaan. U moet tijdens deze ingrepen eventueel beschermd worden met antibiotica om infecties te vermijden.
Heupprotheses zijn tegenwoordig van hoogwaardige kwaliteit. De levensduur van een heupprothese varieert van patiënt tot patiënt. Bij ongeveer 90% van de patiënten functioneert de prothese na tien jaar nog goed. Het is belangrijk er rekening mee te houden dat zware lichamelijke inspanning en bepaalde sporten de levensduur van uw kunstgewricht kunnen verkorten. Bespreek daarom met uw orthopeed welke werkzaamheden en sporten u wel en welke u beter niet kunt beoefenen. U zult jaarlijks of elke twee jaar voor controle naar het ziekenhuis komen. Een belangrijk onderdeel van deze controle is een röntgenfoto van de heup. Zo kan de arts controleren of de prothese nog in goede staat verkeert.
Nadat u uit het ziekenhuis ontslagen bent, is de eerste 6 weken fysiotherapie alleen op indicatie. In het ziekenhuis zal worden bekekenof idt voor u van toepassing is. In deze periode kan de heupprothese echter nog wel makkelijk uit de kom! Vanaf 6 weken na de operatie, als de spieren en het kapsel goed genezen zijn, kan bij de fysiotherapeut begonnen worden met spierversterkende oefeningen, en het lopen met één of zonder krukken.
Het geopereerde been wordt na de operatie vaak iets langer dan voor de operatie. Dit heeft te maken met de spierspanning die nodig is om de prothese in de kom te houden. Meestal hebben patiënten hier geen last van. Anders kan een kleine verhoging in de schoen gemaakt worden.
Wij adviseren u de volgende hulpmiddelen vóór uw opname in huis te halen: een lange schoenlepel,
een handy (dat is een grijper) en krukken.
Een handgreep vóór of opzij van uw bad en toilet en een toiletverhoger zijn handige hulpmiddelen. U kunt dan makkelijker opstaan.
Ook kunt u het beste een stoel met armleuningen gebruiken en uw bed verhogen met blokken (het laatste uiteraard afhankelijk van uw lichaamslengte en hoogte van uw bed).
De schoenlepel,
de handy, krukken, toiletverhoger en blokken voor onder het bed zijn verkrijgbaar bij de thuiszorgwinkel.
Het
joint-careproject betekent dat patiënten die een nieuwe heup krijgen op dezelfde dag worden geopereerd en samen de revalidatie doorlopen. De opnameduur is 4 tot 5 dagen. Op de polikliniek zal bekeken worden of u voor dit project in aanmerking komt.
Voor een uitgebreide uitleg zie de site
www.jointcare.nl
Uw operatie gegevens zullen worden geregistreerd in de Landelijke Registratie Orthopedische Implantaten.
Indien u hier bezwaar tegen heeft kunt u dit kenbaar maken aan uw behandelend specialist.
Hebt u na het lezen van deze brochure nog vragen, stel ze dan gerust. De orthopeed, een medewerker van de polikliniek en de verpleegkundigen willen uw vragen graag beantwoorden.
Vragen over oefeningen kunt u stellen aan de fysiotherapeut.
De Stichting Patiëntenbelangen Orthopaedie (SPO) behartigt de algemene belangen van huidige en toekomstige orthopedische patiënten binnen de gezondheidszorg, overheid en zorgverzekeraars. Daarnaast behartigt zij de individuele belangen van de orthopedische patiënt door het geven van inlichtingen (telefonische informatie en brochures)
Telefoon: 026 - 321 51 54
E-mail:
info@patientenbelangen.nl
Internet:
www.patientenbelangen.nl
| orthopedie |
|---|
| polikliniek orthopedie | ||
|---|---|---|
| Onderdeel | Rijnland Ziekenhuis | |
| Locatie | Alphen a/d Rijn | |
| Bestemmingsnummer | 46 | |
| Telefoon balie | 0172-467059 | |
| Locatie | Leiderdorp | |
| Bestemmingsnummer | RZL-22 | |
| Telefoon balie | 071-5828059 | |
| verpleegafdeling a4 | ||
|---|---|---|
| Onderdeel | Rijnland Ziekenhuis | |
| Locatie | Leiderdorp | |
| Bestemmingsnummer | RZL-A4 | |
| Telefoon balie | 071-5828078 | |